Benzine tanken

Mama heeft Lucas en Cato opgehaald van de bso. Ze gaan met de auto op weg naar huis. Lucas en Cato zitten op de achterbank. 

Ineens horen ze een harde piep voor uit de auto komen. PIEP! Lucas en Cato schrikken zich een hoedje! 

‘Wat was dat voor harde piep?’ vraagt Lucas. 

‘Oh jee, dat betekent dat de benzine bijna op is,’ zegt mama. ‘Laten we maar meteen even gaan tanken.’  

En dus gaan ze op weg naar het benzinestation. Na een paar minuten rijden komen ze aan en mama parkeert haar auto naast een benzinepomp. 

‘Blijven jullie even in de auto zitten? Ik ben zo weer terug,’ zegt ze tegen Lucas en Cato. En ze stapt de auto uit. Eerst betaalt ze bij de betaalautomaat en dan begint ze te tanken. 

Lucas draait zijn raam open en snuift de benzinelucht eens goed op. 

Aaah, die stank is denk ik echt niet goed voor je,’ zegt hij. ‘Maar ik vind het eigenlijk best wel lekker ruiken.’ 

‘Ja, dat weet ik,’ zegt mama. ‘Maar draai je raam maar weer dicht. Volgens mij is het inderdaad niet zo gezond als je te veel van deze dampen inademt.’ 

Lucas ruikt nog een keer goed en draait dan zijn raam weer dicht. 

 

Als mama even later klaar is met tanken stapt ze weer in de auto. 

‘Zo, we kunnen weer een tijdje vooruit,’ zegt ze. ‘Nu op naar huis.’ 

Terwijl ze wegrijden denkt Lucas eens diep na en zegt: ‘Ik heb een goed idee waardoor we allemaal één jaar langer leven.’ 

‘Oh, ik ben benieuwd. Vertel,’ zegt mama. 

‘We maken van alle auto’s elektrische auto’s. Dan worden we allemaal 101!’ 

‘Hoezo worden we dan allemaal 101?’ vraagt mama. 

‘Nou, in elektrische auto’s hoef je geen benzine te doen,’ antwoordt Lucas. ‘Dus dan hoeven we ook nooit meer die benzinelucht te ruiken en dan blijven we allemaal een stuk gezonder!’